Op deze pagina vindt u een document die ik heb gemaakt tijdens mijn stage in de Tweede Kamer. Een beleidsmedewerker voor een Tweede Kamerlid heeft mij gevraagd om een schets te maken van veelvoorkomende problemen die neurodivergente mensen ervaren.
Het doel van deze paper is het inzichtelijk maken van de mate waarin de huidige wetten in Nederland de bescherming van mensenrechten voor neurodivergente mensen, evenals het inzichtelijk maken van de oorzaken waardoor het beschermen van deze mensenrechten in sommige gevallen moeilijk maakt. Deze paper is gericht aan de politiek.
De hoofdvraag van deze onderzoeksopdracht is: Hoe kunnen de rechten van neurodivergente mensen het beste worden beschermd?
De deelvragen die in deze onderzoeksopdracht worden behandeld zijn:
- Welke wetten zijn er nu om de rechten van neurodivergente mensen te beschermen?
- Hoe concreet is de wetgeving in het borgen van een toegankelijke samenleving?
- Wat zijn de argumenten voor het niet geven van dezelfde rechten aan neurodivergente mensen in de praktijk?
- Welke politieke ontwikkelingen die gevolgen hadden voor neurodivergente mensen zijn er in het verleden geweest?
Deelvraag 1 is belangrijk, omdat deze gaan over de rechten die neurodivergente mensen nu hebben. Deelvraag 2 lijkt er op, maar het grote verschil is dat er bij vraag 2 concreter wordt ingegaan op de mate waarin een toegankelijke samenleving voor hen echt wordt geborgd, en waarin het fout gaat, terwijl deelvraag 1 zich op de basis richt.
Het niet volwaardig kunnen deelnemen aan de samenleving heeft oorzaken. En voor een politicus is het belangrijk om dit te weten, zodat die ook weet waar de oplossing gezocht moet worden. In de tweede alinea van deze inleiding is genoemd dat er zaken een rol kunnen gaan spelen die maken dat rechten van neurodivergente mensen moeilijker beschermd kunnen worden en uitsluiting van behoeften en rechten als ‘rechtvaardig’ worden gezien volgens het recht of volgens de in de maatschappij geldende opvattingen. Met deelvraag 3 wordt geprobeerd om die zaken inzichtelijk te maken.
Deelvraag 4 is relevant, omdat er in het verleden meerdere wetten zijn aangenomen in Nederland die deze mensen aangaan. Op de wetten die voor de beantwoording van deze deelvraag worden gebruikt wordt gereflecteerd. Dit om politici een inzicht te geven over op welke dingen zij het beste kunnen letten bij het maken en beoordelen van wetten die gevolgen hebben voor neurodivergente mensen.
Reactie plaatsen
Reacties